In de kijker


Gsm-straling “mogelijk kankerverwekkend”

electromagnetische velden champs électromagnétiques
26/07/2012
Langdurig bellen met een gsm zou een risico kunnen inhouden. Voorzichtigheid is geboden.

Het Internationale Agentschap voor Kankeronderzoek (IAKO) heeft gsm-straling geklasseerd als “mogelijk kankerverwekkend bij mensen” (classificatie 2B)

Volgens het Internationale Agentschap voor Kankeronderzoek (mei 2011) zou het kunnen dat er een verhoogd risico op hersenkanker is bij het intensieve gebruik van een mobiele telefoon. Het IAKO heeft radiogolven daarom geklasseerd als ‘mogelijk kankerverwekkend bij mensen’.

Deze conclusie werd getrokken na een gezamenlijke analyse van beschikbare epidemiologische studies en onderzoek op dieren en cellen. In de meeste studies waren geen indicaties gevonden van een verhoogd risico op hersenkanker, terwijl twee studies (het internationaal onderzoek Interphone en een Zweedse meta-analyse) hebben gewezen op een verhoogd risico op glioma, en in minder zekere mate, op akoestisch neuroma, bij langdurig gebruik van een mobiele telefoon (totale tijd van gebruik meer dan 1500-2000 uur). Ook onderzoek op dieren heeft ‘beperkte aanwijzingen’ geleverd voor een mogelijk verband.

Goed om te weten

De classificatie 2B, ‘mogelijk kankerverwekkend bij mensen’, wordt toegekend aan omgevingsfactoren en stoffen die ‘beperkte epidemiologische aanwijzingen’ opleveren in verband met kanker. Bij ‘beperkte aanwijzingen’ is het nog mogelijk dat het gevonden verband slechts schijnbaar is, en dat toeval of een vertekening de resultaten kleurt. Het niveau van zekerheid wanneer iets is geklasseerd als 2B (‘mogelijk kankerverwekkend bij mensen’) is lager dan in het geval van de classificaties 1 (‘kankerverwekkend’) en 2A (‘waarschijnlijk kankerverwekkend’). Wanneer men nog minder aanwijzingen heeft wordt een stof als ‘niet te klasseren’ (3) beschouwd. Ten slotte is er nog de classificatie 4, ‘waarschijnlijk niet kankerverwekkend’.

Het IAKO onderstreept dat verder onderzoek nodig is en adviseert ondertussen de blootstelling aan gsm-straling klein te houden door een oortje te gebruiken of sms’en. Op de pagina “Gsm verstandig gebruiken” vindt u nog meer tips.

Waar gaat het over?
Het gaat over mobiele telefoons en in mindere mate over draadloze huistelefoons. De meeste studies spitsen zich toe op gebruik van mobiele telefoons, gezien hun grote verspreiding, gebruik vlakbij het hoofd en hun relatief hoge zendvermogens (1-2 W) in vergelijking met andere draadloze toestellen zoals een babyfoon, WIFI-adapter of een Bluetooth-oortje.

Goed om te weten
De derde generatie van mobiele telefoons (UMTS) heeft kleinere zendvermogens (0,1 W) dan die van de tweede generatie (GSM, 1-2 W). De blootstelling aan radiogolven afkomstig van een DECT-telefoon is 5 keer kleiner dan van een gsm.

Waar gaat het niet over?
Het gaat niet over andere apparaten zoals WIFI, bluetooth of microgolfovens. Deze werden niet meegenomen in de evaluatie van het IAKO. Het gaat ook niet over zendmasten van mobiele telefonie. Het IAKO vindt het onderzoek naar de gevolgen van deze bronnen niet voldoende om er conclusies uit te trekken.

Goed om te weten
De blootstelling aan radiogolven afkomstig van zendmasten is meer dan 10.000 keer kleiner dan de blootstelling bij gebruik van mobiele telefoons.

Verwante documenten