Batterijen zijn onmogelijk nog weg te denken uit onze huidige maatschappij. Wist je dat een Belgisch gezin gemiddeld 131 batterijen in huis heeft (Bebat, 2023)? Naast het huishoudelijk gebruik van batterijen, worden batterijen veelvuldig benut in industriële toepassingen en vervoermiddelen. Je vindt ze in laptops, gsm's, e-sigaretten, elektrische fietsen, steps... Afhankelijk van de toepassing kan een batterij er volledig anders uitzien en een andere samenstelling hebben. 

Hoewel batterijen een onmisbare energiebron zijn, hebben de productie van batterijen en het afdanken ervan een grote milieu-impact. Om de negatieve effecten van (afgedankte) batterijen en accu’s op het milieu te minimaliseren, werd binnen de Europese Unie (EU) in 2006 de Richtlijn 2006/66/EG van 6 september 2006 inzake batterijen en accu's, alsook afgedankte batterijen en accu's en tot intrekking van Richtlijn 91/157/EEG, ingevoerd, beter gekend als de batterijrichtlijn. Deze richtlijn houdt voorschriften in voor het op de markt brengen van batterijen en accu’s, waaronder beperkingen op het gebruik van zware metalen kwik (Hg), cadmium (Cd) en lood (Pb), een verbod op bepaalde batterijen en accu’s met gevaarlijke stoffen en een correcte markering. Daarnaast zijn er ook specifieke voorschriften voor de verwerking, recycling en verwijdering van afgedankte batterijen en accu’s opgenomen.  

In de afgelopen jaren zijn de socio-economische en technologische ontwikkelingen op vlak van batterijen echter sterk geëvolueerd. De globale vraag naar batterijen neemt exponentieel toe, onder andere aangedreven door de elektrificatie van ons transport. Tegen 2030 wordt verwacht dat de vraag naar batterijen zal verveertienvoudigen. Door deze enorme groei in de vraag naar batterijen, zal er eveneens een grotere vraag naar (kritieke) grondstoffen zijn en een hogere nood om de milieu-impact te verlagen. Batterijen zijn een cruciale technologie in de transitie naar klimaatneutraliteit en naar een meer circulaire economie en zijn dus een belangrijke schakel in het behalen van de doelstellingen onder de  doelstellingen onder de Europese Green Deal. Daarom is op 28 juli 2023 Verordening (EU) 2023/1542 van het Europees Parlement en de Raad van 12 juli 2023 inzake batterijen en afgedankte batterijen, tot wijziging van Richtlijn 2008/98/EG en Verordening (EU) 2019/1020 en tot intrekking van Richtlijn 2006/66/EG gepubliceerd. De ‘batterijverordening’ is van kracht sinds 17 augustus 2023 en zal de batterijrichtlijn gradueel vervangen tot deze laatste in 2025 zal worden ingetrokken.  

Het doel van de nieuwe batterijverordening is dat batterijen die in de EU in de handel worden gebracht duurzaam, circulair, hoog performant en veilig zijn gedurende hun hele levenscyclus, dat ze worden ingezameld, herbestemd en gerecycleerd en dat ze een echte bron van waardevolle grondstoffen worden.  In de huidige energiecontext, zullen de nieuwe regels bijdragen aan de ontwikkeling van een concurrerende, duurzame Europese batterij-industrie.

Bent u een batterijfabrikant, -importeur, -distributeur, -gebruiker of bent u op een andere manier betrokken in de batterijketen? Via deze webpagina maken wij u wegwijs in de nieuwe verplichtingen.  

Toepassingsgebied EU Batterijverordening

De nieuwe batterijverordening is van toepassing op alle batterijen op de markt gebracht in de EU, onafhankelijk van hun oorsprong, de gebruikte grondstoffen en al dan niet ingebouwd in toestellen of voertuigen. Terwijl de batterijrichtlijn van 2006 slechts drie batterijcategorieën omvat (draagbare batterijen, industriële batterijen en autobatterijen) worden batterijen in de nieuwe batterijverordening onderverdeeld in vijf categorieën:  

  • draagbare batterijen (al dan niet oplaadbaar, van maximaal 5 kg),
  • ​batterijen voor elektrische voertuigen (EV-batterijen),
  • industriële batterijen,
  • start-, verlichtings- en ontstekingsbatterijen (Start-Light-Ignition of SLI-batterijen)
  • batterijen voor lichte vervoermiddelen zoals elektrische fietsen, e-scooters, e-steps (Light Means of Transport of LMT-batterijen, van maximaal 25 kg).

Productnormen en verplichtingen bij einde-leven verschillen per batterijcategorie. Batterijcellen of batterijmodules voor eindgebruik dienen te voldoen aan de eisen van de meest soortgelijke batterijcategorie. 

De batterijverordening legt eisen op inzake duurzaamheid, veiligheid, etikettering, markering en passende zorgvuldigheid of due diligence (zie hieronder). Daarnaast worden minimumeisen vastgelegd voor de uitgebreide producentenverantwoordelijkheid, voor de inzameling en verwerking van afgedankte batterijen en voor rapportage hiervan. Ook eisen inzake groene overheidsopdrachten voor de aankoop van batterijen of producten met batterijen zijn erin opgenomen. 

Duurzaamheids- en veiligheidseisen

Eerst en vooral beperkt de batterijverordening verder het gebruik van gevaarlijke stoffen. Beperkingen op het gebruik van de stoffen Hg, Cd en Pb zijn te vinden in bijlage I van de verordening. Verder dienen batterijen ook de beperkingen te respecteren in bijlage XVII van de REACH-Verordening en artikel 4.2(a) van de End-of-Life Vehicles Richtlijn. Zorgwekkende stoffen gebruikt in batterijen zullen op regelmatige basis worden gerevalueerd.  

Om de impact van batterijen op het klimaat te matigen, zullen EV-, LMT- en oplaadbare industriële batterijen met een capaciteit hoger dan 2 kWh verplicht gepaard moeten gaan met informatie over hun koolstofvoetafdruk. Gradueel zullen een koolstofvoetafdrukverklaring, koolstofvoetafdrukprestatieklassen en een maximale drempelwaarde voor de koolstofvoetafdruk worden geïntroduceerd. De koolstofvoetafdrukverklaring zal voor elk batterijmodel per fabriek moeten worden opgesteld. Batterijen zullen een label moeten dragen met hun koolstofvoetafdruk en bijbehorende prestatieklasse. Eens dat maximale drempelwaarden voor de koolstofvoetafdruk zijn aangenomen, zal de koolstofvoetafdruk onder deze waarde moeten blijven. De methodologie voor de berekening en verificatie van de koolstofvoetafdruk zal via secundaire wetgeving worden bepaald, maar essentiële elementen zijn reeds uitgezet in bijlage II van de verordening. 

Verder moeten industriële batterijen (met een capaciteit hoger dan 2 kWh, behalve die met uitsluitend externe opslag), EV-, LMT- en SLI-batterijen die kobalt, lood, lithium of nikkel bevatten vergezeld worden van documentatie die het gehalte aan gerecycleerd materiaal van deze stoffen in de batterij aangeeft. Vanaf 2031 zullen er verplichte minimumgehalten aan gerecycleerd materiaal worden opgelegd en deze zullen in 2036 worden opgeschaald. De methode voor de berekening en verificatie zal opnieuw via secundaire wetgeving worden uitgezet. 

Draagbare batterijen voor algemeen gebruik, met uitzondering van knoopcellen, en oplaadbare industriële batterijen, LMT- en EV-batterijen dienen te voldoen aan de minimumwaarden voor elektrochemische prestatie- en duurzaamheidsparameters in bijlage III en IV van de verordening.  

Daarnaast zijn voorwaarden opgenomen omtrent de verwijdering en vervanging van draagbare batterijen en LMT-batterijen. Deze betrachten de levensduur van apparaten te verhogen, hergebruik te bevorderen en afval te reduceren. Draagbare batterijen ingebouwd in apparaten moeten op elk moment tijdens de levensduur van het apparaat door de eindgebruiker kunnen worden afgezonderd en vervangen. Er moeten ook instructies en veiligheidsinformatie worden bijgeleverd omtrent gebruik, afzondering en vervanging. Er zijn enkele uitzonderingen op deze verplichtingen, die terug te vinden zijn in de verordening, o.a. voor afspoelbare apparaten en medische instrumenten. Ingebouwde batterijen in lichte vervoermiddelen, inclusief batterijcellen, moeten door een onafhankelijke beroepsbeoefenaar kunnen worden afgezonderd en vervangen en de batterijen moeten minstens 5 jaar nadat de laatste unit van het apparatuurmodel op de markt kwam als reserve-onderdelen beschikbaar blijven. Voor beide batterijcategorieën geldt dat de gebruikte software de vervanging van een batterij of de hoofdbestanddelen daarvan niet mag verhinderen.


Als laatste onder het hoofdstuk omtrent duurzaamheid en veiligheid, is vereist dat stationaire batterijsystemen voor energieopslag die in de handel worden gebracht of in gebruik worden genomen, veilig zijn tijdens hun normale werking en gebruik. Hun veiligheid moet worden aangetoond in de technische documentatie bedoeld in bijlage VIII van de verordening, waarbij getest is op de veiligheidsparameters in bijlage V maar ook andere mogelijke veiligheidsrisico’s zijn geïdentificeerd en beoordeeld. Er dienen hierbij ook instructies te worden gegeven om gevolgen van deze risico’s te verkleinen.  

Waar de veiligheid van batterijen in deze verordening niet concreter is uitgewerkt via een gedetailleerdere eis of verwijzing naar een bepaald kader of norm, geldt de algemene benadering van productveiligheid uit de Europese verordening inzake algemene productveiligheid

Etiketterings-, markerings- en informatievereisten

De verordening legt nieuwe etiketterings- en informatievereisten op om consumenten van de nodige informatie te voorzien om geïnformeerde aankoopkeuzes te maken en de batterij optimaal te kunnen behandelen tijdens en na gebruik. De informatievereisten hebben ook als doel om professionals in de waardeketen te helpen met het implementeren van een circulariteitsstrategie, namelijk om de batterijen te kunnen hergebruiken, herstellen en recycleren.  

Alle batterijen zullen een label moeten dragen met algemene informatie zoals de batterijcategorie, fabricagegegevens, capaciteit, gewicht en chemische samenstelling. Het etiket van oplaadbare draagbare batterijen, LMT- en SLI-batterijen moet bijkomende informatie bevatten over de laadcapaciteit. Niet-oplaadbare baterijen dienen bijkomend informatie te geven over de minimale gebruiksduur in specifieke toepassingen en de vermelding “niet-oplaadbaar”. 

Batterijen dienen gemarkeerd te zijn met het doorkruiste vuilnisbaksymbool voor gescheiden inzameling en indien ze een drempelwaarde overschrijden van zware metalen Cd of Pb moeten ze gemarkeerd worden met het bijbehorende chemische symbool.

Batterijen zullen ook gemarkeerd moeten worden met een QR-code, die toegang geeft tot het digitaal batterijpaspoort in geval van EV- en LMT-batterijen en oplaadbare industriële batterijen of de etiketinformatie, de conformiteitsverklaring en informatie over het beheer van afgedankte batterijen in geval van de andere batterijcategorieën. SLI-batterijen moeten via de QR-code ook informatie kunnen aanleveren over de hoeveelheid gerecycleerd kobalt, lood, lithium of nikkel.  

Batterijsystemen voor stationaire energieopslag, LMT- en EV-batterijen, die gebruik maken van een batterijbeheersysteem, hebben als bijkomende informatievereiste dat ze actuele data dienen te bevatten over de conditie en de verwachte levensduur. De eindgebruiker (of een derde partij) moet de mogelijkheid hebben om deze data te kunnen inkijken om zo het potentieel voor verder gebruik in te kunnen schatten. Daarnaast moet er ook een functie in het batterijbeheersysteem zijn die toelaat om de software te resetten zodanig dat een ander software kan worden geüpload in geval van hergebruik, herbestemming of herfabricage. 

Digitaal batterijpaspoort 

Vanaf 18 februari 2027 zullen industriële batterijen, LMT- en EV-batterijen een digitaal batterijpaspoort moeten hebben. Het paspoort is toegankelijk via de QR-code en zal toegang geven tot informatie over het batterijmodel en specifieke informatie over de batterij in kwestie. Alle informatie in het paspoort is gebaseerd op open normen, in een interoperabel format, machineleesbaar, gestructureerd en doorzoekbaar. De toegang tot informatie in het paspoort zal worden gereguleerd via toegangsvereisten en -rechten. Het technisch ontwerp en de werking van het paspoort zijn beschreven in artikel 78 van de verordening. 

Battery due diligence

De nieuwe verordening beoogt de milieu- en sociale impact van batterijen te verminderen door een due diligence beleid of beleid van passende zorgvuldigheid verplicht te maken vanaf 18 augustus 2025 voor grotere marktdeelnemers, met uitzondering van marktdeelnemers die tweede leven batterijen op de markt brengen indien de oorspronkelijke batterijen reeds in de handel of gebruik waren.

Er wordt verwacht dat de marktdeelnemers de sociale en milieurisico’s gelinkt aan de winning, verwerking en verhandeling van grondstoffen zoals lithium, kobalt, nikkel en natuurlijk grafiet in hun batterijen identificeren, voorkomen en aanpakken, en dit in overeenstemming met internationale instrumenten. Marktdeelnemers dienen een systeem van controles en transparantie ten aanzien van de toeleveringsketen in te stellen inclusief traceerbaarheid naar upstream-marktdeelnemers en een klachtenmechanisme te voorzien. De verplichtingen inzake risicobeheer staan beschreven in artikel 50. Het beleid van passende zorgvuldigheid moet opgenomen worden in contracten met leveranciers en ondersteund door de hoogste leidinggevenden.

Het beleid wordt extern geverifieerd en gecontroleerd door een aangemelde instantie. Alle relevante informatie moet bekend gemaakt worden aan downstreamafnemers en jaarlijks publiceren marktdeelnemers ook een openbaar evaluatierapport van hun beleid.

Beheer van afgedankte batterijen

Naast de eerder vernoemde producteisen bevat de verordening ook vereisten voor afgedankte batterijen, die dus niet meer worden aanzien als producten maar als afval. De verordening bevat eisen over het einde van de levensduur, met inzamelingsdoelen en -verplichtingen, streefcijfers voor de terugwinning van materialen en uitgebreide producentenverantwoordelijkheid. 

De verordening behoudt het totale verbod op verwijdering of energieterugwinning van afgedankte batterijen. Batterijproducenten moeten worden geregistreerd in een nationaal producentenregister dat controle van de verplichtingen rond afgedankte batterijen mogelijk maakt en hebben uitgebreide producentenverantwoordelijkheid voor batterijen die ze voor het eerst op de markt aanbieden op het grondgebied van een lidstaat. Producenten (of organisaties voor producentenverantwoordelijkheid wanneer hierbij aangesloten) hebben als taak om alle afgedankte batterijen van eindgebruikers gratis in te zamelen, ongeacht de aard, chemische samenstelling, conditie, merk of oorsprong van de batterij in kwestie. Ook voor de verscheping van afgedankte batterijen zijn er regels beschreven.

De verordening bevat streefcijfers voor producenten om afgedankte draagbare batterijen in te zamelen: 63% eind 2027 en 73% eind 2030. Voor LMT-batterijen introduceert ze een specifieke inzamelingsdoelstelling van 51% tegen eind 2028 en 61% tegen eind 2031. Streefcijfers voor recyclingrendement en materiaalterugwinning zullen gradueel vanaf 2025 worden geïntroduceerd, om te verzekeren dat waardevolle materialen zoals kobalt, lithium, koper, lood en nikkel niet verloren gaan maar mee kunnen blijven draaien in een circulaire economie.

Gezien afvalbepalingen in België een bevoegdheid zijn van de gewesten, wordt voor meer informatie of vragen verwezen naar de gewestelijke overheidsdiensten.

Conformiteitsbeoordeling en CE-markering

Voordat fabrikanten een batterij in de handel brengen of in gebruik nemen, stellen ze de in bijlage VIII bedoelde technische documentatie op en voeren zij de in artikel 17 bedoelde relevante conformiteitsbeoordelingsprocedures uit of laten zij die uitvoeren.

Enkele van de vereisten onder de verordening moeten worden beoordeeld door een aangemelde instantie; namelijk de koolstofvoetafdrukeisen, de eisen rond gerecycleerd materiaal en het due diligence beleid. Voor de eerste twee eisen kunnen conformiteitsbeoordelingsmodules D1 of G worden gebruikt, voor due diligence worden de procedures in artikel 48 en 51 gebruikt. De andere vereisten kunnen via self-assessment worden beoordeeld. Indien gewenst kan de fabrikant kiezen om de conformiteitsbeoordeling ook door een aangemelde instantie te laten uitvoeren.

Een aangemelde instantie is een conformiteitsbeoordelingsinstantie die officieel is aangemeld bij de Europese Commissie en de andere lidstaten om conformiteitsbeoordeling uit te mogen voeren in het kader van deze verordening. Conformiteitsbeoordelingsinstanties voeren ijkingen, testen, certificering en inspecties uit om de conformiteit van een product of organisatie te beoordelen.

Wanneer met de conformiteitsbeoordelingsprocedure is aangetoond dat de batterij aan de toepasselijke eisen voldoet, stellen fabrikanten een EU-conformiteitsverklaring op overeenkomstig artikel 18, met het format in bijlage IX.

Fabrikanten brengen daarna ook de CE-markering aan in overeenstemming met artikel 19 en 20, als bewijs dat de batterij voldoet aan de Europese eisen. De algemene beginselen van CE-markering zijn uitgezet in artikel 30 van de Europese verordening inzake accreditatie. De CE-markering moet zichtbaar, leesbaar en onuitwisbaar op de batterij worden aangebracht, voor de batterij op de markt wordt gebracht of in gebruik wordt genomen. Indien de markering niet op de batterij zelf kan worden geplaatst, dient de markering aangebracht te worden op de verpakking of bijgevoegde documenten bij de batterij. De CE-markering wordt gevolgd door het identificatienummer van de aangemelde instantie en indien van toepassing door pictogrammen of markeringen die een bijzonder risico of gevaar aantonen.  

Verantwoordelijkheden van de verschillende marktdeelnemers

Het zijn de fabrikanten die in de eerste plaats verantwoordelijk zijn voor de conformiteit van de batterij. Dit omvat onder andere de conformiteitsbeoordeling, technische documentatie, EU-conformiteitsverklaring en CE-markering, voor de batterij in de handel wordt gebracht of in gebruik genomen. Verder stellen ze procedures in om de conformiteit van de batterijen te blijven waarborgen. Wanneer er een vermoeden is dat één van hun batterijen niet conform de verordening is, nemen ze onmiddellijk de nodige corrigerende maatregelen en brengen ze de markttoezichtautoriteit van de lidstaat waar zij de batterij op de markt hebben aangeboden daarvan onmiddellijk op de hoogte. Verder moet bij elke batterij instructies en veiligheidsinformatie zijn bijgevoegd en dient ze voorzien te zijn van een identificatie van het model en een partij- of serienummer, of van een productnummer of een ander identificatiemiddel.    

Ook de gemachtigden, importeurs en distributeurs garanderen mee de conformiteit van de batterij en zorgen ervoor dat de batterij vergezeld gaat van correcte en volledige informatie. Indien een fabrikant, gemachtigde, importeur of distributeur vermoedt dat een batterij niet-conform is met de vereisten in de verordening, dient deze onmiddellijk de nodige corrigerende maatregelen te nemen en de marktoezichtautoriteit waarin ze de batterij op de markt hebben aangeboden op de hoogte te brengen. In België kan dit via volgende adres info.batteries@health.fgov.be

Leveranciers van batterijcellen en -modules verstrekken de nodige informatie en documentatie om aan de eisen van deze verordening te voldoen kosteloos aan de fabrikant. Fulfilmentdienstverleners dienen correcte opslag-, verpakkings-, adresserings- en verzendingsomstandigheden te hanteren. Marktdeelnemers die tweede leven batterijen op de markt brengen zorgen ervoor dat hun activiteiten volgens passende kwaliteitsborgings- en veiligheidsinstructies verlopen en dat batterijen voldoen aan eisen van verordening en alle andere toepasselijke beschermingseisen.  

Van aanbestedende diensten of instanties wordt in de verordening gevraagd om bij de aankoop van batterijen of producten die batterijen bevatten rekening te houden met de milieueffecten van die batterijen gedurende hun levenscyclus om ervoor te zorgen dat dergelijke effecten tot een minimum worden beperkt.  

Timing 

De batterijverordening is algemeen van toepassing vanaf 18 februari 2024, maar er is sprake van een gefaseerde toepassing. Bepaalde eisen zullen namelijk pas later van toepassing zijn. Dit is uitgezet in artikel 96 van de verordening, maar wees waakzaam: in de artikels zelf zijn voor bepaalde eisen andere toepassingsdata beschreven. Bekijk als hulpmiddel zeker de onderstaande/online tijdslijn. De huidige batterijrichtlijn wordt ingetrokken met ingang van 18 augustus 2025, maar er zijn enkele bepalingen die langer van toepassing blijven, hiervoor wordt verwezen naar artikel 95 in de verordening.

Vragen?

Heeft u vragen bij het toepassen van de nieuwe batterijwetgeving, stel ze dan via info.batteries@health.fgov.be

Gaat uw vraag over het beheer van afgedankte batterijen? Gelieve deze dan te stellen aan onze collega’s van de gewestelijke overheden:  

Wat kan je thuis doen om je steentje bij te dragen?

Als consument wordt van je verwacht dat je batterijen of accu’s met het doorstreepte vuilnisbaksymbool gescheiden inzamelt en binnenbrengt bij een inzamelpunt in de buurt. Batterijen horen niet thuis bij het huishoudelijk afval omdat bij de verbranding ervan schadelijke stoffen kunnen vrijkomen. Daarnaast bevatten gebruikte batterijen waardevolle materialen die kunnen worden gerecycleerd. Vind het dichtstbijzijnde inzamelpunt en meer informatie over inzameling op de website van Bebat.

Daarnaast geeft Bebat ook heel wat tips over beter batterijgebruik:  

  • Koop enkel de batterijen die je nodig hebt.
  • Bewaar nieuwe batterijen op een koele en droge plaats, ver van hitte en vochtigheid; zo gaan ze langer mee. 
  • Gebruik batterijen steeds tot ze volledig leeg zijn. 
  • Laat batterijen niet in apparaten zitten als je deze gedurende lange tijd niet gebruikt. 
  • Stel batterijen (of een toestel met batterijen) nooit onnodig bloot aan de zon of aan vocht.
  • Vervang alle batterijen in een toestel gelijktijdig. 
  • Respecteer de polariteit (+ en -) en de voltage volgens de eigenschappen van het toestel. 
  • Vergeet niet de batterijen uit een toestel te halen voor je het inlevert.