Een invasieve uitheemse soort is een levend organisme (dier of plant) dat gewild of ongewild door de mens buiten zijn natuurlijk biotoop werd geïntroduceerd. “Invasief” omdat de soort zich aan zijn nieuwe omgeving aanpast en daarbij aanzienlijke schade toebrengt aan de biodiversiteit of de natuurlijke habitats. In het Frans soms ook “espèce invasif” genoemd. 

 De bedreiging neemt toe met de globalisering van de handel 

Exotische soorten werden altijd al in Europa geïntroduceerd. Ze zijn evenwel niet allemaal invasief : hetzij omdat ze geen bedreiging vormen voor het ecosysteem, hetzij omdat ze zich niet kunnen aanpassen en zich dus niet kunnen voortplanten. Soms is de introductie ervan onder controle van de mens zelfs goed onthaald. Denken we bijvoorbeeld aan siertuinen voor planten of dierentuinen voor dieren.

Maar vandaag is het milieu meer dan ooit echt bedreigd door de aanzienlijke toename van het handelsverkeer en de grote vraag naar exotische dieren en planten. Soms veroorzaakt de introductie van deze soorten in de natuur ook problemen voor de gezondheid van de mens en/of de gezondheid van huisdieren of “inheemse” soorten (de natuurlijk in het wild levende soorten bij ons).

Wereldprobleem

De invasieve uitheemse soorten zijn een wereldwijd probleem. Na het verdwijnen van de natuurlijke habitats (bijvoorbeeld door de reconversie van deze habitats in landbouw-, industrie- of woongebieden) worden ze beschouwd als de tweede grootste oorzaak van het wereldwijde verlies aan biodiversiteit. Ze veroorzaken  enorme economische verliezen, in het bijzonder voor de sector van de visvangst, de bosbouw en de landbouw. Een recente Europese analyse raamt dit verlies op 12 miljard euro.

Er werd overigens een lijst (Global invasive species database) opgesteld van de 100 schadelijkste soorten voor het milieu ter wereld (zoogdieren, vogels, insecten, weekdieren, paddenstoelen). Hieronder een aantal soorten die een bedreiging zijn voor Europa, zoals de tijgermug (aedes albopictus), de beverrat (Myocastor coypus )  of nog de stierkikker (Lithobates catesbeianus =Rana catesbeiana).

Internationale en europese reactie is nodig

Het verdrag inzake biologische diversiteit (1992) is de internationale referentie bij uitstek om dit probleem op een geïntegreerde manier aan te pakken. Het verdrag voorziet evenwel in tamelijk algemene verplichtingen die dus op regionaal of lokaal niveau gepreciseerd moeten worden. Het verdrag vraagt dat elke lidstaat, waaronder België, - voor zover mogelijk - de volgende acties onderneemt : de introductie van uitheemse soorten die bedreigend zijn voor ecosystemen, habitats of soorten te voorkomen, dan wel deze te beheersen of uit te roeien (artikel 8, h).

In 2010 werden tijdens de Conferentie van de Partijen in Nagoya (Japan) meer precieze beleidsdoelstellingen (Aïchi targets)  aangenomen inzake de bescherming van de biodiversiteit. De negende doelstelling bepaalt dat “Tegen 2020 zijn invasieve uitheemse soorten en hun introductiemechanismen in kaart gebracht en is de prioriteit ervan bepaald, worden prioritaire soorten in de hand gehouden of uitgeroeid en worden hun routes beheerd om de introductie en vestiging van nieuwe invasieve uitheemse soorten te voorkomen”.

De Europese Unie speelt op haar niveau een rol.  Sinds 2015 organiseert een Verordening de preventie en het beheer van de introductie en verspreiding van invasieve uitheemse soorten in de Lidstaten van de Unie.