Banner Aarhus Inspraak

Van Rio naar Aarhus

In 1992 keurde de Conferentie van de Verenigde Naties over Milieu en Ontwikkeling in Rio de Janeiro (Brazilië) een verklaring goed die beter bekend staat onder de naam "Verklaring van Rio (WEB)". Ze vormt de basis voor de ontwikkelingen in de rechten en plichten van de lidstaten op het domein van het leefmilieu.

Beginsel 10 van deze Verklaring – het beginsel van de toegang tot informatie en de publieke participatie in de besluitvorming – stelt dat "vraagstukken op milieugebied het best worden aangepakt met deelneming van alle betrokken burgers op het relevante niveau.”

Het Verdrag van Aarhus (.PDF) over de toegang tot informatie, inspraak bij besluitvorming en toegang tot de rechter inzake milieuaangelegenheden’ heeft als doel om dit principe concreet te maken. Het werd uitgewerkt onder het toezicht van de Economische Commissie voor Europa van de Verenigde Naties (UNECE (WEB)) en beslaat het Europese vasteland in ruime zin, met inbegrip van de landen van Centraal-Azië.

Het Verdrag werd op 25 juni 1998 door 39 landen, waaronder België, en door de Europese Gemeenschap aangenomen en ondertekend in het gelijknamige Deense stadje. Op internationaal niveau is het Verdrag in werking getreden op 30 oktober 2001. In ons land is het van kracht sinds 21 april 2003. Tot nu toe hebben 41 landen het geratificeerd.  

Het Verdrag geeft de bevolking de volgende rechten:

- toegang tot milieu-informatie (HTML)
- inspraak van het publiek bij de besluitvorming over het milieu (HTML)
- toegang tot de rechter inzake milieuaangelegenheden (HTML)

Daarnaast werd aan het Verdrag een GGO-amendement (over genetisch gemodificeerde organismen) en een PRTR-Protocol (over de uitstoot en de overbrenging van verontreinigende stoffen) toegevoegd. 

De uitvoering van het Verdrag van Aarhus

De Europese Gemeenschap ratificeerde het Verdrag van Aarhus en heeft de bepalingen over de toegang tot informatie, de inspraak van de burger en de toegang tot de rechter overgenomen in Europese wetteksten (zie Aarhus EU (WEB)).

Ook België heeft deze bepalingen in de Belgische wetgeving opgenomen. Zowel de federale overheid als de drie Gewesten hebben hun wetgeving (federale wetten en gewestelijke decreten en ordonnanties) aangepast om het Verdrag toe te passen voor het deel dat onder hun bevoegdheid valt (zie CCIM (HTML) voor de bevoegdheidsverdeling). België heeft ondertussen ook twee rapporten over de uitvoering van het Verdrag van Aarhus opgesteld.

Zie Wat doet de federale overheid ? (HTML)

De rol van het DG Leefmilieu

Het DG Leefmilieu zorgt voor de praktische en juridische omzetting van de rechten van het Verdrag van Aarhus voor wat zijn bevoegdheden betreft. De andere federale overheidsdiensten voeren dezelfde opdracht uit voor hun specifieke bevoegdheden. Het DG Leefmilieu blijft echter een centrale rol spelen in de opvolging van de goede toepassing van het Verdrag op federaal niveau. Gezien de verdeling van de bevoegdheden over verschillende federale en gewestelijke overheden, probeert het DG Leefmilieu zoveel mogelijk informatie en ervaring uit te wisselen en coördinatiestructuren op te zetten.

Het DG Leefmilieu is voor België het federaal 'Focal Point' voor het Verdrag van Aarhus en bekleedt het vice-voorzitterschap van het Verdrag. Het is ook voorzitter van het Aarhus-netwerk op Belgisch niveau om de federale en gewestelijke standpunten te coördineren over de posities die België inneemt bij Europees en internationaal overleg. Het neemt dus actief deel aan internationale bijeenkomsten over dit onderwerp.