De procedure

Elke staat die het Verdrag van Aarhus heeft geratificeerd, moet om de twee drie jaar een rapport doorgeven aan het internationale secretariaat van het Verdrag over de uitvoering van de bepalingen ervan op haar grondgebied. Deze rapportering gebeurt door middel van een vragenlijst die voor elke Partij dezelfde is (zie Besluit I/8 inzake de rapporteringsverplichtingen in het Engels of in het Frans). Tijdens het opstellen van het rapport moet elke Partij in inspraak voorzien van het publiek bij het ontwerprapport.

Toepassing door België

Het eerste nationale rapport van België werd in mei 2005 goedgekeurd door de Vergadering van de Partijen bij het Verdrag van Aarhus die gehouden werd in Kazakhstan. Dit nationale rapport is een samenvatting van de vier afzonderlijke rapporten opgesteld door de federale overheid en de drie gewesten, die elk ter consultatie werden voorgelegd aan het publiek. In 2007, 2010 en 2013 gebeurde hetzelfde voor het tweede, derde en vierde rapport.

In 2016 hebben de federale overheid en de drie gewesten voor de vijfde keer elk een rapport opgesteld. Deze werden ter consultatie voorgelegd aan het publiek en in december 2016 aan het secretariaat van het Verdrag overgemaakt. De nationale synthese bevat onder andere een samenvatting van de resultaten van de openbare raadpleging.

De rapporten (2016):

De opmerkingen van het publiek (2016):

De vorige rapporten (2013):

De opmerkingen van het publiek (2013):

De eerste rapporten (2005):

De rapporten van 2007 en 2010 zijn beschikbaar op aanvraag via info@milieu.belgie.be of 02/524.97.97 (Contact Center).