Algemene informatie

Etikettering van allergenen in voedingsmiddelen

Nuttige contacten

 

 Algemene informatie

Wat is een voedselallergie?

Een voedselallergie is een abnormale reactie van het immuunsysteem op een bepaalde stof in een voedingsmiddel. De inname van deze stof kan bij gevoelige personen een allergische reactie veroorzaken op de huid, in het spijsverteringskanaal of in de luchtwegen. Enkele mogelijke symptomen zijn jeuk, hoofdpijn, buikpijn en benauwdheid (zie ‘meest voorkomende symptomen’ voor meer informatie').

Voedingsstoffen die allergische reacties kunnen uitlokken, noemen we voedselallergenen. De bekendste bronnen van allergenen zijn eiwitten, melk en melkproducten, granen met gluten, noten, vis, schaal- en weekdieren. Zelfs de inname van een kleine hoeveelheid van een allergene stof, kan bij sommige mensen ernstige lichamelijke reacties veroorzaken. De voornaamste allergenen zijn heel verschillend van land tot land, zelfs van de ene streek tot de andere. Ook de leeftijd speelt een rol: kinderen hebben vaak andere voedselallergieën dan volwassenen.

Zelfs de inname van een kleine hoeveelheid van een allergene stof, kan bij sommige mensen ernstige lichamelijke reacties veroorzaken.

Een voedselallergie kent typisch twee fasen:

  1. bij de eerste blootstelling aan een allergeen maakt het immuunsysteem antilichamen aan, maar verschijnen er nog geen allergische symptomen. Dit is de sensibilisatiefase;
  2. bij een later contact zal het immuunsysteem het allergeen herkennen en ertegen reageren. Op dat moment duiken er wel allergische symptomen op.

 

Wat is een voedselintolerantie?

Een voedselintolerantie heeft, in tegenstelling tot een allergie, geen oorsprong in het immuunsysteem. Toch kunnen de symptomen heel gelijklopend zijn (zie ‘meest voorkomende symptomen’).

Een intolerantie kan te wijten zijn aan:

  • een vermindering van de capaciteit of het onvermogen om een specifieke substantie te verteren (vb. lactose);
  • het effect op het organisme van sommige natuurlijke substanties die aanwezig zijn in voedingsmiddelen (vb. hystamine, tyramine…);
  • andere, specifieke biologische mechanismen van een substantie die nog niet geïdentificeerd zijn (vb. sulfieten).

 

Meest voorkomende symptomen

Allergische reacties nemen verscheidene vormen aan:

  • huidaandoeningen: eczeem, netelroos, zwelling, …
  • oogaandoeningen: conjuctivitis, …
  • spijsverteringsproblemen: braken, diarree, constipatie
  • ademhalingsproblemen: astma, rinitis (ontsteking van de neus: niezen, loopneus of verstopping, …)
  • Oraal Allergie Syndroom (OAS): gekriebel in de mond en de keel, zwelling van de lippen, moeilijk slikken. Dit is een typisch verschijnsel bij kruisallergieën tussen fruit en/of groenten en pollen.

Meestal vertoont een allergisch persoon niet één maar meerdere symptomen tegelijkertijd. Die kunnen al een paar minuten na de inname van een allergene stof opduiken, maar evengoed pas na enkele uren. De symptomen kunnen, afhankelijk van de ernst van de allergie, altijd dezelfde zijn of variëren.

Het gevaarlijkste symptoom is de levensbedreigende anafylactische shock, waarvoor het gebruik van adrenaline noodzakelijk is om de reactie te stoppen. De symptomen zijn divers: huidaandoeningen zoals roodheid en zwelling, misselijkheid en braken, bloeddrukval, ernstige ademhalingsproblemen en bewustzijnsverlies. Gelukkig is een anafylactische shock vrij zeldzaam.

 

Diagnose van voedselallergie

Het is heel belangrijk om de juiste diagnose te stellen. Zelfdiagnose, bijvoorbeeld door bepaalde voedingsmiddelen uit het dieet te weren, kan schadelijk zijn omdat het tot een tekort aan noodzakelijke voedingsstoffen kan leiden.

Verschillende medische onderzoeken kunnen een voedselallergie opsporen, zoals een huidtest, ook wel priktest genoemd, of provocatietesten. De resultaten van deze testen moeten door een arts geïnterpreteerd worden die er geval per geval conclusies zal uit trekken.

 

Wat zijn kruisallergieën?

Sommige personen die allergisch zijn voor een bepaalde stof, kunnen ook allergisch reageren op andere allergenen. Men spreekt dan van kruisallergieën.

Kruisallergie kunnen zich voordoen tussen:

  • voedingsmiddelen: bijvoorbeeld tussen koemelk en geitenmelk, paardenmelk of ezelinnenmelk of tussen verschillende peulvruchten (pinda, soja, erwten, bonen, lupinen…);
  • voedingsmiddelen en respiratoire allergenen, zoals berkenpollen en sommige vruchten (abrikoos, appel, perzik…), alsempollen en selder, koriander, wortel, peterselie…;
  • voedingsmiddelen (avocado, kiwi, banaan, kastanje…) en latex;

Belangrijk om weten is dat een allergie voor een bepaalde stof niet noodzakelijk tot een kruisallergie hoeft te leiden. Het is aan de arts om, bij vermoeden van een kruisallergie, de juiste diagnose te stellen.

 

Voedselallergie en –intolerantie behandelen

Personen die aan een voedselallergie of –intolerantie lijden, moeten de voedingsstoffen die een allergische reactie veroorzaken uit hun voedingspatroon schrappen. Dit is momenteel de enige efficiënte remedie.

Het is aanbevolen om hiervoor de hulp van een diëtist in te roepen. Die kan:

  • een evenwichtig dieet bepalen, zonder tekorten of overtolligheden aan bepaalde voedingsstoffen;

  • meewerken aan een correcte uitsluiting van voedingsstoffen, op maat van de allergische persoon. Sommige mensen met lactose-intolerantie kunnen bijvoorbeeld toch nog een bepaalde hoeveelheid van deze stof verdragen;

  • informeren (over alternatieven, recepten, …) en leren om de etiketten van voorverpakte voedingsmiddelen juist te lezen en interpreteren.

Bovendien kan de behandelende arts op regelmatige basis onderzoeken of de allergie of de intolerantie al dan niet uitgebreid is, waarna het dieet indien nodig kan worden aangepast.

Voor meer informatie raadpleeg: www.ciriha.org

 

Etikettering van allergenen in voedingsmiddelen

 Verplicht te vermelden allergenen

In de etikettering van voedingsmiddelen moet de aanwezigheid worden vermeld van de volgende stoffen die voedingsintoleranties of -allergieën kunnen veroorzaken (Verordening (EU) Nr. 1169/2011 betreffende de verstrekking van voedselinformatie aan consumenten):

  • glutenbevattende granen, namelijk tarwe (zoals spelt en khorasantarwe), rogge, gerst, haver of de hybride soorten daarvan en producten op basis van glutenbevattende granen;
  • schaaldieren en producten op basis van schaaldieren;
  • eieren en producten op basis van eieren;
  • vis en producten op basis van vis;
  • aardnoten en producten op basis van aardnoten;
  • soja en producten op basis van soja;
  • melk en producten op basis van melk (inclusief lactose).
  • noten: amandelen, hazelnoten, walnoten, cashewnoten, pecannoten, paranoten, pistachenoten, macadamianoten en producten op basis van noten;
  • selderij en producten op basis van selderij;
  • mosterd en producten op basis van mosterd;
  • sesamzaad en producten op basis van sesamzaad;
  • zwaveldioxide en sulfieten in concentraties van meer dan 10 mg/kg of 10 mg/l, uitgedrukt als SO2;
  • lupine en producten op basis van lupine;
  • weekdieren en producten op basis van weekdieren.

Deze allergenen moeten altijd worden vermeld als ze bij de productie of de bereiding van een levensmiddel worden gebruikt en nog in het eindproduct aanwezig zijn, zelfs in een gewijzigde vorm.
Ze moeten, ongeacht hun gehalte, ook altijd opgenomen worden in de lijst van ingrediënten, behalve sulfiet waarvoor een meldingsdrempel is vastgelegd (10 mg/kg of l). De allergenen moeten duidelijk te onderscheiden zijn van de rest van de ingrediënten, bijvoorbeeld door de namen ervan in het vet, in hoofdletters of in een andere kleur te drukken, zodat ze opvallen.

Als er geen ingrediëntenlijst is, wordt de vermelding ‘bevat’ gebruikt, gevolgd door de naam van de allergenen. Deze vermelding is niet nodig als de benaming van het levensmiddel duidelijk verwijst naar de desbetreffende stof of het product (bv. ‘geroosterde pinda's’).

Sinds 13 december 2014 is de declaratie van deze allergenen ook verplicht voor niet voorverpakte levensmiddelen.

Voor allergenen die niet opgenomen zijn in de bovenstaande lijst, is het daarentegen mogelijk dat deze allergenen aanwezig zijn in een product zonder dat ze duidelijk vermeld worden in de etikettering.
Dit is bijvoorbeeld het geval voor producten die geen ingrediëntenlijst dragen (bvb: alcoholische dranken) en wanneer ingrediënten zonder een duidelijke verwijzing naar het allergeen vermeld worden.
! Hun afwezigheid in de lijst van ingrediënten betekent niet systematisch dat ze afwezig zijn in het product!

Meer informatie
 

Bijzondere maatregelen voor gluten

Mensen met glutenintolerantie of coeliakie moeten gluten volledig en voor altijd uit hun voeding verbannen. Zij moeten dus over aangepaste levensmiddelen kunnen beschikken die aan hun nutritionele behoeften voldoen. De etikettering van deze producten moet voldoen aan alle regels in verband met de vermelding van allergenen, maar daarnaast ook supplementaire vermeldingen bevatten (Verordening 41/2009/EG betreffende de samenstelling en de etikettering van levensmiddelen die geschikt zijn voor personen met glutenintolerantie).

De vermeldingen "met zeer laag glutengehalte" is voorbehouden aan de producten met een glutengehalte van maximaal 100 mg/kg, de vermelding “glutenvrij” wordt gebruikt voor de producten waarvan het glutengehalte maximum 20 mg/kg bedraagt.

Deze bepalingen worden half juli 2016 vervangen door de Verordening (EU) nr. 828/2014 van de Commissie van 30 juli 2014, betreffende de eisen die van toepassing zijn voor het verstrekken van voedselinformatie aan consumenten over de afwezigheid of de beperkte aanwezigheid van gluten in voedsel. De criteria blijven echter ongewijzigd.

 

Nuttige Contacten

Federale Overheidsdienst (FOD), Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu / DG Dieren, Planten en Voeding
www.gezondheid.belgie.be

FAVV (Federale Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen)
www.favv.be

CIRIHA (Centrum voor Informatie en Onderzoek omtrent voedselintolerantie en –hygiëne) 
www.ciriha.org

ASTMA EN ALLERGIEKOEPEL vzw
www.astma-en-allergiekoepel.be

Prévention des allergies a.s.b.l. 
www.oasis-allergies.org

Société belge de la Cœliaque 
www.sbc-asbl.be/

Kind & Gezin
www.kindengezin.be

ONE (L'Office de la Naissance et de l'Enfance)
www.one.be

UPDLF (Union Professionnelle des Gradués en Diététique de Langue Française)
www.updlf-asbl.be

VBVD (Vlaamse Beroepsvereniging van Voedingsdeskundigen en Diëtisten)
www.vbvd.org

FEVIA (Federatie Voedingsindustrie)
www.fevia.be

NUBEL a.s.b.l.
www.nubel.com

AFPRAL (Association Française pour la Prévention des Allergies)
www.afpral.asso.fr

CICBAA (Circle of Clinical and Biological Investigations in Food Allergy)
www.cicbaa.org

EFA (European Federation of Allergy and Airways Diseases Patients Associations)
www.efanet.org

 

Onze andere pagina's